´Na de eerste wereldoorlog werd de kermis nooit meer wat het was´

De kermissen komen er weer aan. Een eeuwenoud feest dat in deze regio nog volop geworteld is. Wat heet, zou je bijna zeggen… Waar Volendam al decennialang de grootste kermis binnen de gemeentegrenzen heeft, lag dat voor de oorlog anders. In een artikel in het periodiek van Oud Edam uit 1999 komt Gerrit bij ’t Vuur, medeoprichter van de historische vereniging, aan het woord. Hij schetst een mooi beeld van het feest dat voor de eerste wereldoorlog (1914-1918) nog grote delen van de Edamse binnenstad besloeg.

‘De kramen en diverse attracties stonden aan het begin van de 20e eeuw behalve op de Kaasmarkt en het Damplein ook op de Beestenmarkt, het Doelland, de Batumburgerstraat en de gehele Voorhaven, verwoordt Bij ’t Vuur de situatie toentertijd. Veel mensen uit de regio, en heel veel Volendammers, bezochten in die tijd de kermis.

Zeven dagen
Die duurde maar liefst zeven dagen. Wanneer de klok op het stadhuis begon te luiden begon het feestgedruis. Na de eerste wereldoorlog werd de kermis teruggebracht tot vier dagen.

Zware klus
Het begon al een week van te voren. De meeste attracties kwamen in die tijd de stad binnen per boot. Ze werden met mankracht binnengesleept, een zwaar klusje. Er was in die tijd niet zoveel afleiding en de jeugd was er dan ook als de kippen bij om te helpen. 
Als herinnering aan die tijd gingen ook toen al Edamse kinderen een week van te voren zingend langs de deuren met het lied ‘louw louw trek eens aan m’n touw…’

Stoomcarrousel
Overigens telde Edam diverse gerenommeerde kermisreizigers. Die stonden dan ook doorgaans op het kermisterrein. Bijvoorbeeld de familie Schildmeyer. Zij had een prachtige stoomcarrousel. Die kreeg een plek op de Kaasmarkt. Dit exemplaar heeft al jaren een vaste plek op de Efteling.

Bekende kermisfamilie
Vallentgoed was een andere bekende lokale kermisfamilie. Deze Edammers hadden verschillende activiteiten. Vader Louis was een bekende in het Nederlandse kermiswereldje; hij was onder meer voorzitter van de Bond van Kermisreizigers. Hij beheerde onder meer de ‘Balancoir Americain’. Maar ook bezat de familie een draaimolen, die een plek vond aan de Voorhaven, en was Vallantgoed eigenaar van schommelschuitjes. De familie Dirksz had bijvoorbeeld weer een zweefmolen, die op de Kaasmarkt werd geplaatst.
Jo Rijnierse was kermisklant (draaimolen) en gemeenteraadslid.

Beestenmarkt
Een ander geliefde attractie was de reizende bioscoop van Edammers Jan de Jong en Manus Regter. Met live pianomuziek, een explicateur (die uitleg gaf bij de stomme films) en alles in een prachtige tent met kleurrijke opbouw.
Gerard Regter had in die tijd een cakewalk. Die kreeg een plaats op de Beestenmarkt.

Maar er waren in die tijd uiteraard ook veel etens- en snoepkramen. Zoals die van inwoonster Truus Koppejan met de mooie Friese Kap. Maar je kon ook vis kopen, of koekhappen en er waren oliebollen.  Vaak gerund door lokale inwoners.

Poppenkraam
Van buiten de stad kwamen draai- en zweefmolens, de schiettent en diverse losse kramen.  Gerrit bij ’t Vuur wist zich in 1999 ook nog de poffertjeskraam van Logge te herinneren, evenals de verlichte poppenkraam van moeder en dochter Franke uit Middelie.
Ronduit indrukwekkend was het rondreizende theater, waarbij vaak de grote Nederlandse sterren uit die tijd optraden!

Rustende Jager
Maar het waren ook de cafés en herbergen die voor veel vertier zorgden! Veelal gelegenheden die niet meer bestaan. Zoals de Rustende Jager aan de Eilandsgracht, Jan Veen gevestigd in de Lingerzijde, Hof van Holland (bestaat nog steeds) en Jan Oostindië met zijn café aan de Kaasmarkt. Maar het was verder groot feest in het Damhotel, de Harmonie en in het medio jaren veertig gesloopte Heerenlogement aan de M. Tinxgracht. En feest was het ook aan de Voorhaven in De Zon.

Proteststem
Maar niet iedereen was blij met het volksfeest. Jarenlang plaatste broeder Timmermans uit Amsterdam zijn Bijbeltent boven op de Dam. Daar verkondigde hij luidkeels Gods woord, begeleid door Gé Visser op het orgel.

Nooit meer zo groot
En net als tegenwoordig waren er ook sportieve evenementen. Waaronder het ringsteken te paard en de harddraafwedstrijden in de Purmer.
´s Maandags was de kermis weer voorbij. Tijdens de eerste wereldoorlog werden er geen kermissen gehouden. Een tijd van armoede voor de vele exploitanten. ´Nadien werd het nooit meer als vanouds´, vertelt Gerrit bij ´t Vuur aan Janny Boelens-Boss in 1999. ´Daarna kwamen de crisisjaren, gevolgd door de tweede wereldoorlog. De Edamse kermis kromp tot het huidige formaat. Maar in Volendam ontstond juist in die periode een groei.




BASE-it Computers De Boer Accountants Harmonie Kapper Sjoerd Lux Photograpy Cor Kes Ronald Schot Smits Web Stadskrant adverteren Uitgeverij De Stad Hotel Restaurant De Fortuna schoonmaak & opruimbedrijf HARRIE
Facebook